Misintenties aflezen

Regeling voor het centraal aflezen van misintenties
Lelystad – 31 maart 2020

Sinds enkele weken kunnen de vieringen in de lokale gemeenschappen geen doorgang vinden. Wel is er iedere dag een Eucharistieviering in de O.L. Vrouw Basiliek te Zwolle die via het internet kan worden meebeleefd.

Het pastoraal team wil de gelegenheid bieden aan de parochianen van alle lokale gemeenschappen om iedere week misintenties op te geven voor de Eucharistievieringen. Aangezien het aantal misintenties groot kan zijn, hebben wij gekozen voor de volgende regeling.

Opgeven van misintenties
Parochianen kunnen gedurende de week misintenties opgeven bij hun eigen locaties, zoals zij dat voor de Coronacrisis gewend waren. Ook het stipendium kan in de eigen locatie worden voldaan. Het secretariaat van de locatie kan tot uiterlijk vrijdagmorgen 11.00 uur de lijst met misintenties doorgeven aan het centrale secretariaat in Dronten/Zwolle/Steenwijk. De centrale secretariaten verzamelen de misintenties en geven die op vrijdagmiddag door aan het pastoraal team.

Aflezen van misintenties alleen op weekdagen
Het pastoraal team verdeelt de opgegeven misintenties over de Eucharistievieringen op weekdagen. Op die manier blijft het aantal misintenties per viering beperkt, terwijl toch alle misintenties worden afgelezen. Met het oog op een werkbare verdeling van de misintenties is het niet mogelijk om een misintentie voor een bepaalde weekdag op te geven.

Eucharistie op zondag
Tijdens de Eucharistieviering op zondag wordt in algemene zin gebeden voor de verzamelde intenties uit de Christoffelparochie, de Thomas a Kempisparochie en de Norbertusparochie (dus zonder alle intenties afzonderlijk te noemen). Bij de voorbeden worden alleen de namen genoemd van parochianen die in de afgelopen week zijn overleden in één van de drie parochies.

Met deze regeling hoopt het pastoraal team tegemoet te komen aan de wens van vele parochianen om hun gebedsintenties in het gemeenschappelijk gebed te mogen opnemen.

Paasbrief Nederlandse bisschoppen

Broeders en zusters

Deze Goede Week, die met Palmzondag begon, verloopt heel anders dan ons vertrouwd is. En ook Pasen zal dit jaar vreemd zijn. De intocht van Jezus in Jeruzalem op die eerste Palmzondag was heel feestelijk verlopen; er was veel volk bijeen en de leerlingen verheugden zich over het leven dat hun toelachte. De leerlingen hadden op Palmzondag nog geen idee van wat die dagen in Jeruzalem zou gebeuren. Zoals ook wij enkele weken geleden geen idee hadden van wat onze wereld te wachten stond. We mogen rustig stellen dat de lijdensweek van Jezus ongevraagd en eigenlijk ongewenst ook in ons eigen leven is binnengedrongen. Onze zelfgemaakte zekerheden hebben in één klap plaats gemaakt voor onzekerheid, waarbij ook angst een rol speelt.

Aan het begin van de veertigdagentijd hoorden wij traditiegetrouw het evangelie dat Jezus veertig dagen vastte in de woestijn. Wij hebben in deze veertigdagentijd – totaal onverwacht – gemerkt dat ook wij in een wereld zijn terechtgekomen die trekken vertoont van een woestijn. Onze opvattingen over onkwetsbaarheid en zelfbeschikking blijken ineens weg te vallen. De vrijheden die we verworven dachten te hebben en de mogelijkheden die we als rechten zagen, ze worden in korte tijd drastisch ingeperkt. We worden op ongekende wijze geconfronteerd met de kracht van de natuur die onze lichamelijke gezondheid bedreigt. Mensen die ons dierbaar zijn, in wier nabijheid we graag verkeren, moeten we op afstand houden: de fysieke menselijke nabijheid verschraalt. Nog veel schraler is de wereld van onze ouderen geworden; door de noodzakelijke beschermende maatregelen zullen zij zeker woestijnmomenten van eenzaamheid ervaren. En er is onzekerheid, omdat het voortbestaan van banen en bedrijven op de tocht staat.

Het leven lijkt tot stilstand te komen. Met alles wat wordt afgelast, met iedere bijeenkomst die niet doorgaat, met elke maatregel die wordt afgekondigd, wordt onze bloeiende wereld weer wat meer tot woestijn.
Positief is dat we ons ineens realiseren dat we op elkaar aangewezen zijn en we ons voor elkaar verantwoordelijk weten. Het besef van onze kwetsbaarheid opent onze ogen voor elkaar, omdat dat van levensbelang blijkt. Het doet goed om te ervaren dat op allerlei wijzen mensen zich geroepen weten om er voor elkaar te zijn: ex-zorgmedewerkers melden zich om te helpen de zorg voor de zieken aan te blijven kunnen; mensen blijken ineens burenhulp voor elkaar te kunnen opbrengen, vele mensen garanderen met toewijding zorg en allerlei vitale diensten. We zijn op elkaar aangewezen, zoals op Goede Vrijdag Johannes en Maria op elkaar aangewezen werden: “Zie daar uw zoon, zie daar uw moeder.” Onder het kruis ontdekken we dat Christus ons aan elkaar schenkt als moeder en zoon, als broeders en zusters; dat Hij ons aan elkaars zorg toevertrouwt. We zijn als mensen op elkaar aangewezen.

De leerlingen die Zijn lijden en sterven op Goede Vrijdag hebben meegemaakt, weten niet hoe ze verder moeten. Uit angst voor de buitenwereld, uit angst dat hun hetzelfde als Jezus zou overkomen, hebben zij zich opgesloten. Achter dichte deuren komen ze terecht in de stilte van Paaszaterdag: de dag waarop de blije levensverwachting van Palmzondag wordt overschaduwd door de ervaring van de broosheid van het bestaan en de onontkoombare dood. Ook wij gingen, uit welbegrepen eigenbelang, de laatste weken achter dichte deuren, in terechte voorzichtigheid en wellicht met bange gevoelens.

In die situatie, waarin de toekomstverwachting van de leerlingen in een paar dagen tijd totaal veranderd was, wordt het Pasen. Heel vroeg – het was nog donker – gaan de vrouwen naar het graf, om het lichaam van Jezus te verzorgen. Maar het graf is leeg. Ook Johannes en Petrus komen tot die ontdekking: Het lichaam van Christus is er niet. De leerlingen hebben op dat allereerste moment nog geen weet van de verrijzenis; ze kunnen alleen maar de leegte constateren. Jezus’ lichaam ontbreekt. Ook voor velen van u zal het een leegte, een gemis zijn dat u – uitgerekend met Pasen – de gave van Jezus’ Lichaam in de Eucharistie niet kunt ontvangen. Jezus’ lichaam ontbreekt. Voor priesters is het evenzeer een offer: de gemeenschap van gelovigen, de kerkgemeenschap, ervaren we immers ook als lichaam van Christus. Om Eucharistie vrijwel alléén te vieren, betekent een vergelijkbaar gemis. We constateren allen die leegte en vinden er moeilijk woorden voor.

De leerlingen weten nog niet wat er gebeurd is; op paasmorgen is het nog donker om hen heen, is hun geest nog niet verlicht. Pas als ze de Verrezen Christus zien, zal hun duidelijk worden dat door lijden en sterven heen Christus de weg naar het eeuwig leven heeft gebaand. Eeuwig leven voor ons allen.

Het is een goede gewoonte dat we op Palmzondag een takje achter het kruis steken: een jong, fris palmtakje, teken van ons geloof dat het kruis dat op ons pad komt niet het laatste woord heeft; dat het laatste woord Leven is, eeuwig leven. Ondanks alle onzekerheid en verdriet die ons overkomen, mogen we aan dat Woord vasthouden. Christus, het Woord dat leven geeft, leven in overvloed, is en blijft onze zekerheid. In die geest wensen wij u, ook en juist in deze dagen, een Zalig Pasen.

8 april 2020 De R.-K. bisschoppen van Nederland

Paasgroet Aartsbisschop

Een groet van de aartsbisschop aan alle gelovigen in het Aartsbisdom Utrecht bij het begin van het Paastriduum 2020

Utrecht, Witte Donderdag – 9 april 2020

Broeders en zusters in Christus Jezus onze Heer,

We leven in een onzekere tijd, het coronavirus heeft om zich heen gegrepen en voor veel verdriet, onrust en angst gezorgd. De door de overheid getroffen maatregelen hebben diep ingegrepen in ons leven, ook veel kerkelijke vieringen kunnen niet door u worden bijgewoond, al blijven we natuurlijk wel bidden voor alle getroffenen en God vragen dat het virus zal verdwijnen. Nu kunnen helaas ook de vieringen van de Goede Week en Pasen geen publieke vieringen zijn. Dat heb ik nog niet eerder meegemaakt.

De Goede Week begint normaal gesproken met de wijding van de palmtakken op Palmzondag en op Witte Donderdag gedenken en vieren we de instelling door Jezus van het sacrament van de Eucharistie. En direct daaraan verbonden ook dat van het priesterschap, want de viering van de Eucharistie is onmogelijk zonder een priester, die Jezus door zijn wijding in persoon vertegenwoordigt. Daarom vernieuwen de priesters normaliter in de Chrismamis ook de beloften die zij bij hun priesterwijding hebben afgelegd (vanwege het coronavirus zal de Chrismamis dit jaar op een later, nog te bepalen tijdstip plaatsvinden).

Omdat Jezus op Witte Donderdag het sacrament van de Eucharistie heeft ingesteld en het lopende kerkelijk jaar voor het Aartsbisdom Utrecht het Jaar van de Eucharistie is, wil ik in deze groet, die gedateerd is op Witte Donderdag, graag met u stilstaan bij de Eucharistie.

Jezus noemt zichzelf in zijn uitvoerige rede in het zesde hoofdstuk van het Evangelie volgens Johannes het “brood dat uit de hemel is neergedaald” (Joh. 6,41.51). Dit gebeurt als Jezus, de Zoon van God, mens wordt. Maar het gebeurt ook als in de viering van de Eucharistie de hemel zich opent en de aarde raakt. Op de woorden die de priester in de persoon van Christus spreekt: “Dit is mijn Lichaam … Deze beker is het nieuwe verbond in mijn bloed …” (1 Kor 11,24-25), veranderen brood en wijn in het Lichaam en Bloed van Christus en komt Hij onder de gedaanten van brood en wijn in ons midden.

Nadat Jezus in de synagoge van Kafarnaüm heeft gezegd dat wie zijn vlees niet eet en zijn bloed niet drinkt, geen eeuwig leven heeft (Joh. 6,53), reageren de toehoorders met ongeloof; de wonderbare broodvermenigvuldiging had ze aangesproken. Dit soort wonderen willen ze wel. Maar op de Eucharistie, waar Jezus op doelt, zitten ze niet te wachten: “Deze taal stuit iemand tegen de borst. Wie kan daar naar luisteren?” (Joh. 6,60).  

In onze tijd zitten veel mensen ook niet op de Eucharistie te wachten. De meerderheid is er niet (meer) mee vertrouwd. Het is voor de mensen die echt in de Eucharistie geloven veelal een pijnlijke ervaring dat hun familieleden, buren, bekenden en bijna iedereen in hun straat of wijk op dat kostbare moment verstek laten gaan.

Het kan daarbij voor ons een troost en bemoediging zijn te beseffen dat we de Eucharistie niet alleen voor onszelf vieren. Ook als de priester zijn dagelijkse Mis alleen viert, draagt die vrucht voor de hele gemeenschap. Paus Paulus VI zei hierover in zijn encycliek Mysterium fidei. Over de leer en de verering van de Heilige Eucharistie uit 1965: “… elke Mis die wordt gevierd, wordt niet alleen opgedragen voor het heil van enkelen, maar tevens voor het heil van heel de wereld. Hieruit volgt dat, ook al is het het beste dat aan de Mis een groot aantal gelovigen deelneemt, echter … de Mis die privé wordt gevierd … door een priester … valt goed te keuren omdat uit zo’n Mis een overvloed van bijzondere genadegaven voortkomt, ten voordele van de priester zelf, van het gelovige volk, veeleer van de hele wereld …” (nr. 33). De Mis, gevierd door de priester alleen of met een kleine groep gelovigen, draagt ook vrucht voor het heil van mensen die niet komen. Daarom beveelt Paulus VI de priester ook aan de Eucharistie dagelijks te vieren, ook al is hij daarbij alleen (nr. 34).

Voor mensen die in de Eucharistie geloven en van dit sacrament houden, is het helemaal pijnlijk dat zij zelf als gevolg van de coronaviruspandemie de Eucharistie niet kunnen bijwonen. Als de priester alleen de Mis opdraagt en daardoor de hemel opengaat, draagt dat ook voor hen grote geestelijke vruchten, zoals het dat ook kan doen voor hen die nooit iets aan hun geloof doen.

Gelukkig bestaat de mogelijkheid om een Eucharistieviering te volgen op Radio Maria, via de KRO-NCRV op de televisie of (in een aantal parochies) vanuit de eigen parochiekerk via een internetverbinding. Ook zendt het Ariënsinstituut, de priesteropleiding van het Aartsbisdom Utrecht, de dagelijkse Eucharistievieringen live uit – onder andere via de website van het Aartsbisdom Utrecht.

Tijdens de uitzending van de Eucharistieviering kunnen we ons laten voeden door het Woord uit de Heilige Schift – dat is Gods Woord – dat wordt gelezen en in de preek wordt toegelicht, en een geestelijke communie doen: het diepe verlangen naar de gemeenschap met Christus in de Eucharistie is ook een grote bron van genade en kracht om Jezus te kunnen navolgen. Enkele gebeden voor de geestelijke communie kunt u vinden op de website van het Aartsbisdom Utrecht.

Het coronavirus lijkt op het oog het Jaar van de Eucharistie van het Aartsbisdom Utrecht lelijk te doorkruisen. Maar de Eucharistie geeft ons de kracht die wij nodig hebben, ook als wij er niet lijfelijk bij aanwezig kunnen zijn. Want voor God is niets onmogelijk (Luc. 1,37).

Ik wens u een Zalig Pasen en hoop en bid dat de coronaviruspandemie spoedig voorbij zal zijn en dat we weer in onze kerken kunnen samenkomen om de Eucharistie te vieren en daarin onze Heer Jezus in de H. Communie kunnen ontvangen en aanbidden.

+ Willem Jacobus kardinaal Eijk,

aartsbisschop van Utrecht