‘Onwenselijk dat individu beslist over eigen leven’

15-11-2017| Van de redactie  Barnelveldse Courant

BARNEVELD ‘Er is niets dat mij aan dit leven bindt’, zegt iemand op de website Voltooid Leven. De discussie rond vroegtijdige levensbeëindiging zwelt aan. Kardinaal Willem Eijk (64) geeft hierover een lezing, maandag 20 november om 20.00 uur in de Barneveldse Catharinakerk. De aartsbisschop ziet een ‘hellend vlak’ rond de ethische kwestie.

Freek Wolff

In het bisschopshuis, hartje stad Utrecht, ontvangt de kardinaal me in de meest historische ruimte. Klassieke schilderijen aan de muur, zware stoelen en een groot crucifix in het midden. Hoe kon het anders.

Het hoofd van het rooms-katholieke aartsbisdom Utrecht is glashelder: een voltooid leven is een leven dat een natuurlijk levenseinde kent. De kardinaal vindt dat mensen geen beschikkingsrecht hebben over het leven, omdat dit alleen aan God toe komt. ,,Het gaat hier om ons lichamelijk leven. De ziel blijft bestaan voor het leven na de dood. Die is dan in Gods hand. Wanneer we iemand doden, gaat het alleen om het lichamelijk leven, hoewel dit een essentiële dimensie is van de mens. De kerk leert dat we – ziel en lichaam – geschapen zijn naar Gods beeld en gelijkenis. In zijn totaliteit. Alles wat God naar Zijn beeld en gelijkenis schiep, is – evenals Hijzelf – niet louter een middel tot een doel, en dat geldt ook voor ons lichamelijk leven. Je kunt het niet opofferen, inzetten, als middel tot een doel om aan het lijden een einde te maken. Dat is het uitgangspunt van de kerk. Het beschikkingsrecht over het leven komt ons niet toe. Wanneer iemand ernstig lijdt, dan nog kunnen we niet overgaan tot actieve levensbeëindiging, want dan haal je het totale beschikkingsrecht over leven en dood naar je toe.”

DRAAGBARE PROPORTIES Eijk vindt het wel vanzelfsprekend dat je iets moet doen om het lijden te verzachten. Mocht dat ondraaglijk worden, dan is het de opdracht van artsen en verpleegkundigen om dit terug te brengen tot draagbare proporties. Let wel: de arts heeft niet de opdracht om al het lijden weg te nemen. ,,Dat is onmogelijk, wat overigens voor alle terreinen van het leven geldt. Op allerlei momenten van ons leven worden wij geconfronteerd met lijden, tegenslag en teleurstellingen. Maar onze opdracht is om onze medemens bij te staan.”

Eijk ziet lijden als iets wat mensen overkomt, als gevolg van de erfzonde, door de val van de mens. ,,Daarmee vallen we terug op onze kwetsbare natuur. Daardoor zijn we onderhevig aan lijden, ziekte en dood.”

Op het vlak van de pijnbestrijding zijn de laatste decennia enorme vorderingen gemaakt, waar de medisch-ethicus uiteraard van op de hoogte is. ,,Toch blijkt uit onderzoek dat pijn in weinig gevallen de reden is om te vragen naar actieve levensbeëindiging. Want het lijden wordt door heel wat factoren bepaald. Zo wordt het sociale lijden dikwijls als het ergste ervaren, dat je in de steek wordt gelaten door anderen. Op het fysieke lijden hebben we wel een antwoord, want zelfs voor het psychische lijden zijn vaak medicamenten. En waar mensen ook erg tegenop zien, is de ontluistering van hun lichaam.”

Dat je als mens over je leven kunt beschikken, wil nog niet zeggen dat je over je leven mág beschikken, vindt de kardinaal. De overheid kan zorgen voor wetgeving, maar die is gebaseerd op morele inzichten. ,,Recht enerzijds en moraal en ethiek anderzijds zijn niet hetzelfde. Want recht maakt iets afdwingbaar en dat is bij de algemene moraal niet het geval. De wetgeving moet zijn gebaseerd op morele normen, en die zijn weer gefundeerd op een mensvisie. Als een mens geen recht heeft om te beschikken over eigen leven en dood, kan hij ook een arts niet delegeren om daarover te beschikken. De wetgeving is kortom niet waardenvrij, maar is gebaseerd op objectieve morele normen. Daar gaan we als kerk vanuit en dat is onderdeel van onze verkondiging.”

SLUIPROUTE Eijk weet ook dat het in de praktijk anders werkt en beseft dat de kerk een minderheid is geworden in de maatschappij. Voor 1967 hadden de christelijke partijen een meerderheid in de Tweede Kamer. Sinds dat jaar hebben ze die niet meer teruggekregen. ,,Er zitten nu twee christelijke partijen (ChristenUnie en CDA, red.) in het kabinet die hun invloed doen gelden. Hierdoor is de invoering van een wet over ‘voltooid leven’ waarschijnlijk vertraagd. Tegelijkertijd moeten we niet onderschatten dat er van buiten christelijke kring ook veel verzet is tegen de nieuwe wet over voltooid leven. Onder de bevolking tekent zich hiervoor wel een meerderheid af, maar dat is zeker niet het geval onder de medische beroepsgroep. Onder artsen is de steun voor de actieve euthanasiewet erg groot en die wordt ruimschalig toegepast, maar dat ligt anders met betrekking tot ‘voltooid leven’. De Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot Bevordering van Geneeskunst ziet heel veel bezwaren in een wet over ‘voltooid leven’. Deze organisatie vraagt zich af of dit niet de euthanasiewet ondergraaft. Want stel dat je daarmee niet gedaan krijgt wat je wilt? Dan probeer je via een sluiproute – die nieuwe wet – je doel alsnog te bereiken. En die is met minder zorgvuldigheidsmaatregelen omgeven. Een grote groep psychiaters in de ouderenzorg heeft gezegd dat er risico’s verbonden zijn aan legalisering van levensbeëindiging vanwege een ‘voltooid leven’. Omdat je bijvoorbeeld heel gemakkelijk de diagnose van een depressie over het hoofd kunt zien, wat niet onder de definitie van een voltooid leven valt. Want dan lijdt iemand als gevolg van een psychiatrische aandoening en moet je proberen die te behandelen. Het ligt in de praktijk allemaal niet zo eenvoudig.”

HYPERINDIVIDUALISTISCH De definitie op de website Voltooid Leven luidt: ‘Het gaat om mensen die veelal op leeftijd zijn, die naar hun eigen oordeel geen levensperspectief meer hebben en die als gevolg daarvan een persisterende, actieve doodswens ontwikkeld hebben’. Enkele personen verklaren op de site waarom zij uit het leven willen stappen, met argumenten als: ‘Ik zie vreselijk op tegen hulpbehoevendheid’ en ‘Je zelfstandigheid verliezen, is vreselijk’. Die redenen lijken op het eerste oog mager, maar het zijn wel persoonlijke keuzes en belevingen. De vraag is of de kerk of de overheid hier een veto over mag uitspreken.

Kardinaal Eijk vindt dat dit spanningsveld te maken heeft met de huidige cultuur, die in zijn ogen hyperindividualistisch is. ,,Het individu staat centraal. De mens heeft in onze cultuur niet alleen het recht, maar zelfs de plicht om een eigen visie te ontwikkelen. Dat wil zeggen: een eigen religie, een eigen levensbeschouwing en een set van ethische waarden. Hij moet zich ook in allerlei andere opzichten onderscheiden, door het uiterlijk bijvoorbeeld.

Tegelijkertijd leven we in een zeer conformistische tijd, want de jongerencultuur is wereldwijd vaak zeer homogeen. Het is niet echt individueel zijn en voor jezelf bepalen wat je denkt of wilt. Het is het gevoel dat je dat doet, want feitelijk laten mensen hun doen en laten bepalen door de massamedia, de publieke opinie en sociale media. Het gaat dan om het gevoel dat je zelf bepaalt wat de waarde van je leven is. Daar tegenover staat de klassieke visie, dat mijn leven een universele waarde heeft, die altijd en overal geldt, onafhankelijk van hoe ik mij voel, de condities waarin ik me bevind en hoe ik tegen mezelf aankijk. De hyperindividualistische opvatting zegt dat je de waarde van je leven alleen zelf kunt bepalen. Als we zeggen dat de overheid of de kerk eigenlijk niets te zeggen heeft over de waarde van mijn leven en hoe ik daarmee om ga, veronderstelt dit dat we individuen zijn, zonder enige band met elkaar. Maar wat ons wel degelijk met elkaar verbindt, is dat we mensen zijn met een waarde. Elk mens heeft een doel in zichzelf, zonder enige uitzondering. Daarom kun je het leven ook niet opofferen om aan het lijden een einde te maken. Als je dat zou toestaan voor een ander mens, zou het eigenlijk ook gelden voor mij. De beslissingen die andere mensen mogen nemen over hun leven, hebben als het ware een terugslagvisie op de waarde van mijn eigen leven. Ze zijn essentieel met elkaar verbonden.”

GLIJDENDE SCHAAL Daarom vindt Eijk het onwenselijk dat een ieder individueel kan beslissen over zijn eigen leven. ,,Want als een ander zegt dat zijn leven geen universele waarde heeft, zegt hij daarmee ook iets over mijn leven. Historisch cultureel kun je dat ook wel aantonen. Eind jaren zeventig discussieerden we over het legaliseren van actieve levensbeëindiging, maar dan alleen bij iemand die heel ernstig leed aan een onbehandelbare lichamelijke aandoening in de terminale fase. Later viel de terminale fase eraf en is dat uitgebreid met psychiatrische aandoeningen, dementie en ernstig gehandicapte pasgeborenen. Nu is ‘voltooid leven’ aan de orde, zonder dat er sprake is van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Je ziet een glijdende schaal. Het respect voor en de visie op de waarde van het leven is uitgehold. Het aantal gevallen van euthanasie stijgt nog steeds. Mensen van een hyperindividualistische cultuur kijken niet over de schutting van het eigen leven en kunnen zich niet voorstellen dat we als mensen essentieel met elkaar verbonden zijn, met een gezamenlijke wezensnatuur en universele levenswaarde.”

De kardinaal weet dat de gedachte aan euthanasie nogal eens op tafel wordt gelegd door familie van de patiënt of een medisch team, bijvoorbeeld in het geval van een vergevorderd stadium van dementie. ,,Zien lijden is immers soms moeilijker dan het zelf ondergaan. De vraag is wel in hoeverre demente mensen lijden. Als mensen boos zijn, kunnen ze daar ook medicatie voor krijgen. Nog steeds is een mens dan echt een levende persoon, ook al kunnen de vermogens van de ziel niet meer tot expressie komen door de ziekteprocessen. Dan nog heb je te maken met de universele waardigheid die elk mens toekomt. Die moeten we respecteren, ook al kost dat moeite.”

OMGAAN MET LIJDEN Mensen kunnen volgens Eijk steeds moeilijker met lijden omgaan. We hebben dat verleerd. ,,Dit heeft te maken met gewenning aan een hoge levensstandaard. We kunnen maar moeilijk accepteren dat daar iets aan ontbreekt. Want wat we nu meemaken, hadden de mensen een jaar of zestig geleden nog veel erger, waarbij de pijnbestrijding lang niet zo ver gevorderd was. Maar toen konden we beter omgaan met het lijden. Daarom kunnen we ons afvragen of de hyperindividualistische cultuur wel de meest wenselijke is. Tevens moeten we misschien eens nadenken over onze attitude ten opzichte van het lijden.”

De ernst van eenzaamheid, verminderde mobiliteit, verlies aan contacten wil Eijk niet onderschatten en bagatelliseren. ,,We moeten als mens en christen iets doen voor de medemens in nood. Zo zie je dat mensen in hospices een familiesfeer ervaren. Patiënten hebben hier vaak minder pijnbestrijders nodig en ze fleuren op. Gewoon omdat ze daar contact hebben.”

Macabere vormen van suïcide, die aan de orde van de dag zijn, legitimeren volgens Eijk niet om zwaar depressieve mensen – bot gezegd – ‘een spuitje te geven’. De kardinaal vindt dat er alles aan gedaan moet worden dat het lijden mensen niet naar de keel grijpt, maar hij weet ook dat dit niet altijd te voorkomen is. ,,De mens is verantwoordelijk voor zijn eigen daden, net als een arts, ook al is dat op verzoek van anderen. Maar die arts mag niet meewerken aan levensbeëindiging, want de patiënt heeft geen zelfbeschikkingsrecht, en kan dat ook niet delegeren.

Je vraagt nogal wat van een arts, om het leven van een ander te beëindigen. Je zadelt iemand op met iets wat hem aangrijpt, want gemakkelijk is het niet. Dat went nooit. Er zijn ook andere mogelijkheden om je leven te beëindigen, zoals stoppen met eten, al kunnen daar ook ethische bezwaren tegen bestaan, maar dan zadel je een ander mens niet op met een voor hem schokkende ervaring. Legitimering om met een injectie te voorkomen dat mensen voor de trein springen, gaat niet op.”

Vanuit de Bijbel wijst Eijk in de eerste plaats op het vijfde gebod (‘gij zult niet doden’), om te duiden waarom de kerk – volgens hem – tegen euthanasie moet zijn. Ten tweede haalt hij aan dat de mens geschapen is naar Gods beeld en gelijkenis. ,,Daarom zul je zijn bloed niet vergieten. Het lichaam deelt in de waardigheid van de persoon als geheel, en dat geldt voor iedereen.”

 

Lees ook op KBO Lelystad over dit onderwerp

Reacties zijn gesloten.